Vanuit de overtuiging dat je ook boeken moet lezen over domeinen die je niet of nauwelijks kent, heb ik “How music works” van David Byrne helemaal doorgenomen. Muzikaal ben ik nooit veel verder geraakt dan een paar lessen notenleer en een opvoering van Gloria Gaynor’s “I will survive” op een karaoke-etentje bij Nancy & Klaas.

Niet dat ik niet van muziek hou. Integendeel, ik ben bijna permanent door muziek omringd. Tegenwoordig ben ik bewuster met muziek bezig. Spotify heeft mijn muzikale roadmap en kennis aardig bijgespijkerd. En af en toe pik ik nu ook een concertje mee. Als is de volgende op de lijst de nog enige echte crooner Tony Bennett.

images

Een van de kerels die me recent het meest inspireert is David Byrne. Als jonge twintiger kleurde hij met Talking Heads mijn eerste smaak. “Slippery People” blijft één van mijn favoriete nummers. En Byrne gaat vaak met me mee op reis. Via Reinhilde op de BBC Screenings in Brighton leerde ik hem kennen als auteur van  “The Bicycle Diaries”. En nu op reis in Istanboel had ik zijn nieuwste boek “How music works” mee.

Vorig jaar, in New York, heb ik off Broadway één musical gezien. “Here lies love” vertelt het leven van Imelda Marcos. De show is een productie van Byrne, die voor dit project samenwerkte met Fatboy Slim. De show wordt dit jaar hernomen en ik raad het iedereen warm aan. Beeld je geen klassieke musical in. Er zijn geen zitplaatsjes. Alles is podium en iedereen staat mee op dat podium. En de muziek is zo opzwepend dat je wel moet dansen.

Ik heb bewondering voor Byrne. Hij is muzikaal van vele markten thuis. Luistert gretig naar muziek, wordt nog elke dag verrast en inspireert daar anderen mee.

Dat maakt net zijn laatste boek goeie lectuur. Hij had zijn uitgever gezegd dat het boek “was neither going to be an autobiography nor a series of thinkpieces – but a little bit of both”.

Unknown

“How music works”, David Byrne, Canongate, 2012, digital enhanced edition.