Vroeg of laat moeten we allemaal het podium op. Soms letterlijk, soms figuurlijk. Presenteren maakt deel uit van de dagdagelijkse realiteit, of het nu gaat om een voordracht of toespraak die je moet geven, een pitch die je moet doen of iemand die je moet overtuigen van je zaak, op dat ogenblik presenteer je iets. Als ik mijn studenten aan Erasmus RITS iets wil bijbrengen in mijn vak “mediacontext en televisiemanagement” is het precies dat. Bijna al de rest is van geen tel.

Ik geef vaak presentaties en heb dat met vallen en opstaan geleerd. Soms speel ik de pannen van het dak en soms gebeurt het wel eens dat ik het gevoel heb dat ik geen goeie beurt maakte.

In de loop der jaren heb ik daar veel boeken over gelezen. De referenties vind je onderaan deze blogpost. Maar als ik het allemaal op een rijtje zet, dan zou je het met deze tien tips moeten kunnen. Succes ermee !

Schermafbeelding 2014-01-10 om 19.54.56

1. Een verhaal = één boodschap = maximaal drie ideeën.

Elke presentatie begint en eindigt met een goed verhaal. Geen verhaal, geen presentatie. Zo’n verhaal is een bepaalde boodschap die je aan je publiek wil meegeven. Als de toehoorders veel later terugblikken op je presentatie, dan is het precies die gedachte die ze moeten onthouden.

Bovendien kan zo’n boodschap uit niet meer dan drie ideeën bestaan. In de presentaties die ik gaf naar aanleiding van mijn boek “Alles is een verhaal” wilde ik de centrale boodschap meegeven dat werkelijk alles een verhaal is. De drie premisses waren : alles is en verhaal, iedereen is een verhaal, kweek je een neus voor verhalen en je zal het bredere plaatje veel beter snappen.

Door het feit dat je één boodschap vertelt aan de hand van drie ideeën en daar context rond schept, zorg je voor ritme in je voordracht. Ik noem dat “beat drum“. Zorg voor de juiste beat zodat je voordracht nooit kabbelt !

2. Plak er een titel en subtitel op.

In de titel staat de boodschap die je wil vertellen. In de subtitel staat de belofte. En die moet teasend zijn : “Alles is een verhaal : haal er met je bedrijf je voordeel uit”.

3. Ken je stof !

Presentaties zijn geen lege dozen. Sommigen horen zichzelf graag praten, maar dat is geen reden om er anderen mee te belasten. Bij sommige sprekers is hun voordrachttalent zo groot dat je alleen al daarvoor naar hen wil luisteren; maar toch gaat zelfs bij die mensen die gave meestal gepaard met een sterke inhoud.

Ga dus enkel spreken als je echt iets te vertellen hebt. En twijfel nu niet aan jezelf. Iedereen is expert in iets. Iedereen is expert in minstens 99 domeinen. Je bent een kast vol met lades. Een aantal daarvan zullen vast bekend zijn bij een breder publiek; een aantal zullen nieuw zijn voor je publiek. Het is geweten dat ik veel weet over televisie, storytelling en single malts bijvoorbeeld, en ik onderhoud een groter of kleiner gezelschap daar wel eens over maar ik zou evenzeer kunnen praten over kluizenaars want ook daar kan ik een boom over opzetten.

4. Lijm is het perfecte glijmiddel.

“A spoon full of sugar helps the medicine go down”, zong Mary Poppins ooit in de film met dezelfde titel. Verpakking helpt bij een presentatie. Een geschenkje krijgen is fijn, maar een pakje openen is net zo leuk.

De lijm bindt je presentatie. Het kan een beeld (foto) zijn, een beeldspraak of een metafoor die ervoor zorgen dat je verhaal blijft plakken, zoals Chip en Dan Heath dat suggereren.

5. Open sterk.

Verras ! De eerste minuut is bepalend voor de rest van je voordracht. Vaak in presentaties voor een onbekend publiek toon ik eerst mijn visitekaartje en dan een zestal (keurig) geselecteerde foto’s uit mijn privéleven : het huis waar ik woon, het boek dat ik momenteel lees, mijn single malt collectie, … En dan vraag ik hoe ze me zullen herinneren : door dat visitekaartje of via één van die beelden. Wat denk je ?

281244_10150277341846543_5190200_n

6. Een beeld zegt meer dan 1000 woorden.

Je luisteraars zijn niet gekomen om je presentatieslides te lezen. Gebruik dus zo weinig mogelijk tekst. En probeer zoveel mogelijk wat je zegt en wat je te lezen aanbiedt asynchroon te houden. Wat je zegt en wat je publiek leest is bij voorkeur nooit hetzelfde.

Kies voor beelden, want jij verdient tijdens een presentatie alle aandacht. Beelden kunnen je helpen om een punt te maken.

Nog beter is om een fysiek voorwerp te voorschijn te halen. Jamie Oliver verscheen ooit met een kruiwagen suikerklontjes op het podium om aan te tonen hoeveel suiker we per jaar slikken. Elisabeth Bolton Taylor, een neuroloog die zelf ooit een hersenbloeding had en als expert daar eigenlijk zeer opgetogen over was, verschijnt wel eens met een echt menselijk brein op het podium.

Foto’s pluk ik meestal van het internet voor zover de geen copyright hebben of koop ik via één van de vele fotobanken zoals iStockphoto. Maar ik vind het steeds leuker om zelf foto’s te maken of te verzamelen in functie van de presentaties die ik geef.

7. Wees altijd jezelf …

Er is veel gezegd en geschreven over authenticiteit. Ik ben er niet zo’n fan van tenzij het gaat om authentieke authenticiteit. Kortom : iedereen heeft zijn eigen stijl en die moet je trouw blijven. Ik ben als netmanager van Eén niet in de voetsporen van mijn voorgangers getreden : Wim Vanseveren, Bettina Geysen en Mieke Berendsen hadden elk hun eigen stijl, maar die van mij is fundamenteel anders.

Wie, zoals ik, het geluk heeft te kunnen rekenen op een communicatiedienst of zelfs een woordvoerder, moet er voor oppassen dat die mensen je niet in het sjabloon willen steken van je voorganger. In overleg met m’n toenmalige woordvoerder, Bjorn (en vandaag met Lesley en Anneke), heb ik gekozen voor een radicale breuk tijdens bijvoorbeeld de grotere seizoenspersconferenties van de zender.  Van een showgebeuren ben ik overgestapt naar beleidsbabbel waarbij ik in alle openheid toelichting gaf bij wat we bij Eén het afgelopen seizoen goed & slecht hadden gedaan en bij wat de verwachtingen waren voor het nieuwe seizoen. Die oprechtheid wordt op prijs gesteld. Journalisten schrijven vaak niks over m’n falen omdat ze net die eerlijkheid en mijn eigen  inzicht dat ik faalde waarderen.

Verhalen vertellen is niet hetzelfde als praatjes verkopen. Fouten maken is helemaal niet erg.

8.  …. maar oefen !

Repeteer, thuis in je onderbroek. Speel de presentatie af in je hoofd. Surf tijdens een saaie meeting eens door je slides.

Vreemd genoeg, op de dag dat ik een belangrijke presentatie moet geven word ik meestal vanzelf een half uurtje eerder wakker. Zonder wekker. Ik blijf dan liggen tot de wekker effectief afgaat, maar in dat half uurtje tussen slapen en waken flitst de hele speech door mijn hoofd. Als ik dan eenmaal écht wakker ben volstaat het die eerste slides nog eens te bekijken. Dat garandeert een vlotte start bij de eigenlijke presentatie.

Schermafbeelding 2014-01-10 om 21.00.04

9. Speel op vertrouwd terrein.

Je weet nooit waar je terecht komt. Bovendien zullen de plaats en de omstandigheden altijd anders zijn dan gepland. Hou het daarom in de hand. Check op voorhand : de zaal, het aantal mensen, wie je publiek is, sta je aan een desk of zit je aan een tafel of sta je in  open terrein (en wat wil je zelf ?), gebruik je een handmicrofoon of een deskmicro of krijg je een wireless headset op je hoofd, …

In bijna alle gevallen zal  één en ander anders zijn dan gepland, maar dan ben je voorbereid. Als één iets tegenvalt, dan heb je de rest nog in de hand.

10. Laat je inspireren.

Wat denk je dat het publiek verwacht van je voordracht ? Informatie ? Dat betwijfel ik, want informatie kun je op andere manieren veel beter overbrengen.  Mensen willen geïnspireerd worden. Begeesterd zoals dat zo mooi in het Nederlands klinkt. De toegevoegde waarde bij een presentatie ben jij. Jij kan inspireren want je zit vol boeiende verhalen. Twijfel daar geen moment aan.

Maar om te inspireren moet je zelf geïnspireerd worden. Ik bewandel keer op keer nieuwe paden, want elk nieuw verhaal helpt me in m’n job. Zowel in mijn professionele  job als in mijn privé leven.

Tot slot.

Laat met weten of deze tips je geholpen hebben en voeg hieronder in de commentaren  nieuwe tips toe. Ik som graag nog wat boeken op die mij op de goeie weg hebben gezet.

Garr Reynolds, “PresentationZen. Simple ideas on presentation design and delivery.”, New Riders, Berkeley, 2008.

Garr Reynolds, “PresentationZen Design. Simple designs principles and techniques to enhance your presentations.”, New Riders, Berkeley, 2010.

Garr Reynolds, “The naked presenter. Delivering powerful presentations with or without slides.”, New Riders, Berkeley, 2011.

David Airey, “Logo Design Love. A guide to creating iconic brand identities.”, New Riders, Berkeley, 2010.

Christopher Witt, “Real leaders don’t do powerpoint. How to sell yourself and your ideas.”, Crown Business, New York, 2009.

Scott Berkun, “Confessions of a public speaker.”, O’Reilly, 2010.

Nancy Duarte, “Slide:ology. The art and science of creating great presentations.”, O’Reilly, 2008.

Carrie McCarthy & Danielle LaPorte, “Style statement. Leven naar je eigen design. Communiceer wie je bent in alles wat je doet.”, Bruna, Utrecht, 2008.

Jean Philip De Tender, “Alles is een verhaal.”, Lannoo, Tielt, 2010.

Eileen Quinn & Judy Counihan, “Prepare yourself for … the pitch. The essential guide to selling stories.”, Faber & Faber, London, 2006.

Stephen Bayley & Roger Mavity, “Life’s a pitch. How to sell yourself and you brilliant ideas.”, Corgy, London, 2007.

Links :

Garr Reynolds

Nancy Duarte

Christopher Witt

Scott Berkun