Sommige mensen zie je met lede ogen vertrekken. Neem nu Arnout. We volgen mekaar virtueel. En in het grote huis dat de VRT is, hebben we ook een paar keren echt met mekaar gepraat. Ik had Arnout ook om advies gevraagd over merkbeleving via sociale media. Niet dat hij daar grote theorieën over had. Ik zou niet weten wat Arnout studeerde, maar dat had hij goed in de vingers. Zeer goed zelfs. Dat ik niet slecht bezig was, heb ik onthouden.

Wanneer ik straks terugkom uit vakantie zal Eén een conversation manager in dienst hebben. “Wanneer conversation management een opdracht wordt, is het om zeep”, gooide ik een tijdje geleden op Twitter. Veel reacties gehad, zelfs van the conversation management boss himself. Ik had VRT Digitale Media, die de search voor me zou doen, gezegd dat ik een buitenbeentje wilde. Iemand die laat begint, maar desnoods de hele nacht doorgaat. Wiens vinger aan haar of zijn smartphone plakt. Die perfect aanvoelt waar de grenzen liggen. En die overal met me mee mag. In elke vergadering. Want net als een goed woordvoerderschap, moet iemand die de dialoog rond je net opvolgt het allemaal weten.

Wanneer ik het succes van Eén in het buitenland moet uitleggen heb ik het meestal over authenticiteit. En daar zeg ik dan ook iets over het belang van social media. Dat ik daar – om het met een boutade te zeggen – eigenlijk geen fan van ben. “Social media is not about social media, but about media being social”. In dat laatste zit mijn hele visie over de openbare omroep vervat. Ik wil geen vrijblijvende televisie maken. Media heeft een impact op de maatschappij en de rol van een openbare omroep daarin is cruciaal. Die impact moet een positieve invloed hebben op de maatschappij. Tussen de mensen gaan staan, luisteren naar wat ze over je zeggen, het debat stimuleren en daar eventueel zelf aan deelnemen … Dat is media being social.

Social media verlagen de drempel. Naast de kijk-, bereik- en waarderingscijfers en de VRT-knipselkrant krijg ik nu zeer waardevolle feedback rechtstreeks van de mediagebruiker. En zij kunnen mij en mijn collega’s rechtstreeks aanspreken. Dat is democratie.

Maar ik ben op mijn hoede voor emocratie. Tuurlijk leven we op emoties. Ik vind dat zelfs goed. Maar maatschappelijke gebeurtenissen en relaties moet je in een context zien. De virtuele winkel is 24/24 7/7 open. De snelheid van die social media leiden een leven op zich en daar is geen ruimte voor context. Niet alles kunnen je vatten in pakweg 140 karakters.

Ben Crabbé grapte in Blokken met een Turk. Twee weken lang geen enkele reactie. Tot een compilatiefilmpje in “De wereld draait door” via internet tal van reacties uitlokte. Zondagmiddag 13 uur belde de woordvoerder van Eén. En dan moet je snel reageren. Want het laten liggen tot maandagmorgen is te laat.

Of wanneer VRT-journalist Riadh Bahri gemeend zijn collega Jan Becaus een gelukkige verjaardag wenst een paar maanden voor hij op pensioen gaat, dan wordt dat stof voor een krantenartikel.

En als ik tweet dat Brussel mijn thuis is, dan heb ik daarmee evenzeer volgens de krant mijn voorkeur voor Brussel als vestigingsplaats voor de openbare omroep uitgesproken.

(d)emocratie, het is maar één letter verschil maar een belangrijk debat dat we verder in alle openheid moeten voeren.

Bij deze wens ik de conversation manager van Eén alvast van harte welkom. Ik kijk uit naar de samenwerking.