Laatst kreeg ik een mail :

Jean Philip,

Ik wil je om een gunst vragen

Sinds mijn verzelfstandiging ben ik harder dan ooit bezig met mijn nieuwe job. Op zakelijk vlak, maar zeker ook persoonlijk. Daarover mijmerend kwam ik tot de conclusie dat er een beperkte groep van mensen is waar ik bovengemiddeld veel van leer. Omdat ze slimme zakenmensen zijn. Omdat ze wat ik goed kan nog eens 10x beter kunnen. Omdat ze totaal anders zijn dan ik. Omdat ze zoveel meer ervaring hebben dan ik. Of een combinatie van die zaken.
Ik zou het leren van die mensen wat meer een structurele vorm willen geven in de vorm van een ‘mentorschap’ (zonder dat nu ook weer op te kloppen). Dat is heel normaal in een grote organisatie, maar wat minder gebruikelijk als jonge ondernemer. Een extra reden om het te doen dus.

Ik waardeer jou enorm als in-verhalen-denker, visionair, bemiddelaar en -bovenal- mens.

Je voelt de vraag al: Zou je een van mijn mentoren willen zijn?
Wat ik van je vraag is de tijd om twee keer per jaar een hapje te gaan eten, over lunch of diner. Om te babbelen. Niet om een vragenvuur te ondergaan, maar vanuit een wederzijdse wens tot leren.
Ik betaal het eten en in eeuwige dank en liefde.

Zou je dat zien zitten?

Groet,

De mail toverde een glimlach op mijn gezicht. ‘Mentorschap’, wat is dat eigenlijk ? “Zonder dat nu ook weer op te kloppen”.

Sinds mijn haren niet meer blond zijn, maar grijs en sinds ik een tijdje in het zadel zit als netmanager van Eén krijg ik dit soort vragen steeds vaker. Ik kijk keer op keer verrast op, wanneer in een gesprek iets als ‘je bent als een mentor voor me’ opduikt.

Maar ik heb ook mijn mentors gehad. Alleen had het toen nog geen naam. Ik heb nog steeds mentors en ze zijn een baken in het woelige leven dat het leven is. Het woelige leven dat het werk is. En dan is het goed om een klankbord te hebben. Want daar draait ‘mentorschap’ rond : mensen kennen met een net iets bredere horizon. Met net iets meer ervaring. Met net iets meer successen en tegenslagen. Met net iets meer relativeringsvermogen.

Zolang ik maar op mijn mentors kan rekenen, wil ik zelf beslist een mentor zijn. Want daar draait het in the end allemaal op. De kennis die je hebt een beetje doorgeven.