Hoe komt het toch dat onze hormonen op hol slaan wanneer we bij Abercrombie & Fitch shoppen ? A&F associeer je eerst met knappe lijven en dan pas met kledij. En dat is verdorie een straffe verdienste voor een kledingmerk. Eerst de associatie, dan pas het product.

Ik herinner me nog goed toen ik voor het eerst de A&F-winkel op 5th Avenue in New York binnenstapte. Op straat stonden een paar vriendelijke jongens en meisjes in bloot of halfnaakt bovenlijf. En lap, bij zowat iedereen die voorbijkwam sloegen de hormonen op hol.

De winkel binnengaan is al evenzeer een belevenis. Het is alsof  je op een zaterdagnacht een discotheek binnenstapt. Donker, sfeervol licht, heavy beats door de geluidsinstallatie. En overal zo’n jonge godin of god die je van dienst wil zijn.

Knappe marketing, maar drempelverhogend. Mijn goeie vriend Jo, durft net als ik, de winkel niet bijna meer binnen. ’t Is alsof je betrapt wordt aan een bezoekje aan de hoeren. Dan ga je de trap op en staat daar gegarandeerd zo’n knap ding dat je vraagt ‘can I be of any help ?’. ‘Sure, but in what way’, denk ik dan bij mezelf.

Lorin had gelijk. Dat het bijna sectair is. Allemaal jonge, Californische WASP’s met hier en daar een excuus-black of latino.