Ik ben constant op zoek naar verhalen. Overal, bij iedereen. En ik vind ze overal en bij iedereen. OP televisie, bij m’n vrienden, in de reclame, gewoon op straat,  … of in  de boeken die ik lees. Maar omdat ik er van overtuigd ben dat werkelijk alles en iedereen een verhaal is – soms zelfs meer dan één verhaal – zoek ik steeds verder en dieper. Dan verplicht ik mezelf ook om boeken te lezen waarin minder evidente verhalen aan bod komen. De gulden snede is zo’n verhaal. Ik wilde erover researchen en botste toevalig op “De geheime code” van Priya Hemenway.

In de kunst draait het om evenwicht in de relatie van de onderdelen tot het geheel. Wie het als iets anders ziet, mist de fundamenteelste component. Een mooi schilderij, een beeldhouwerk, een werk van architectuur, muziek, proza of poëzie is georganiseerd en gracieus in evenwicht rond een verborgen gevoel voor verhoudingen.

In de gulden snede draait alles om de juiste verhoudingen. Filosofen, wetenschappers, kunstenaars, religieuzen, … zijn op zoek gegaan naar de juiste relatie van dat deel tot het geheel. In de muziek, de mathematica, de architectuur, … en de kunst. Dat leidde tot wetenschappelijke formules om dat te berekenen. Leonardo da Vinci tekende de ideale man op basis van de bevindingen van Vitruvius.

De mens kan iets creëren volgens de juiste maten als die berekeningen maar goed zitten. Maar dan blijkt dat de natuur dat vanzelf doet. Er zijn in de natuur zoveel voorbeelden aan te halen die de facto in zich de juiste verhoudingen hebben. Boeiend.

De kranten staan vandaag vol over geloof en zingeving. Bij mij is het geloof verdampt, om het met de woorden van Marc Reynebeau in Phara te zeggen. En toch, geloof ik dan ergens in de natuurlijke orde der dingen. Het stelt me ontzettend gerust.