Maandelijkse archieven: juli 2008

Lang geleden in Kentucky nam een man de grootmoeder van Andrew Sean Greer mee voor een ritje. De man, een vriend van de familie, vertelde haar iets wat ze liever niet hoorde. Dat hij en haar man tijdens de oorlog een relatie hadden.

Ze sprak er nooit over met haar echtgenoot. Het leven ging gewoon door.

Het inspireerde Greer, zelf ook homo – Zou dat een verhaal zijn ? Van grootvader op kleinzoon ? – tot het schrijven van een fantastisch boek The story of a marriage. Verplichte lectuur voor iedereen die een relatie heeft of er naar verlangt.

In het San Francisco van begin de jaren ‘50 overkomt een zwart koppel hetzelfde. De oorlog in Korea ging zijn gang en de naoorlogse jaren waren minder aangenaam dat we ons steeds inbeelden. King & Kennedy kwamen pas in de jaren ‘60 langs. Een man komt in het leven van Pearlie en eist zijn oude liefde Holland terug op. Hij heeft daar  100.000 dollar voor veil. Als ze maar verdwijnt uit hun leven.

We think we know the ones we love.

Het moet meer dan vijftien jaar geleden zijn dat ik nog eens in Disneyland Parijs was. Af en toe zing ik nog eens de tune van de It’s a small world-attractie. Aan die muziek moest ik denken toen Steven me zijn verhaal deed.

Steven werkt als producent voor een commerciële zender. Dus loop ik hem af en toe wel eens tegen het lijf. Laatst in de Dansaertstraat toen hij met een vriendin op stap was. Alles was goed met hem. Hij was net terug uit New York en had daar over me gesproken.

“Ik stond in een boekhandel en omwille van het buitenlands accent, vroeg ze waar ik vandaag kwam”, zei Steven.

Brussels, Belgium kende ze. Ze was er nog op vakantie geweest en had er overnacht in een bed & breakfast vlakbij die grote kerk. Bij Jean, “who was working in film”.

Steven had verrast opgekeken. Ja, die Jean kende hij ook. Dat was Jean Philip.

It’s a small word after all, dacht ik, toen ik mijn boodschappen verder zette.

Die eerste zin greep me naar de keel, zoals me dat ook wel eens overkomt met het slotcommentaar bij een aflevering van Desperate Housewives. De eerste bladzijde van dit boek van Andrew Sean Greer had me helemaal in de ban. 

We think we know the ones we love.

Our husbands, our wives. We know them – we are them, sometimes; when separated at a party we find ourselves voicing their opinions, their taste in food or books, telling an anecdote that never happened to us but happened to them. We watch their tics of conversation, of driving and dressing, how they touch a sugar cube to their coffee and stare as it turns white to brown, then drop it, satisfied, into the cup. I watched my husband do that every morning; I was a vigilant wife.

We think we know them. We think we love them. But what we love turns out to be a poor translation, a translation we ourselves have made, from a language we barely know. We try to get past it to the original, but we never can. We have seen it all. But what have we really understood ?

One morning we awaken. Beside us, that familiar sleeping body in the bed  : a new kind of stranger. For me, it came in 1953. That was when I stood in my house and saw a creature merely bewitched with my husband’s face.

Perhaps you cannot see a marriage. Like those giantly heavenly bodies invisible to the human eye, it can only be charted by its gravity, its pull on everything around it. That is how I think of it. That I must look at everything around it, all the hidden stories, the unseen parts, so that somewhere in the middle – turning like a dark star – it will reveal itself at last.

Ik had laatst een afspraak in de Sanoma-hoofdkwartieren. In afwachting van de meeting werd ik in het wachthoekje geplaatst met een stapeltje (voornamelijk vrouwen)bladen. Niet erg, want ik vind het fijn om de Feeling, Flair, Story, Libelle en diets meer te lezen. M’n oog viel op een advertentie van Durex onder de noemer Toy Stories. Ik ben van plan om in rustiger tijden een boek te schrijven over the art of storytelling. Of het nu gaat om televisie, design, koken, architectuur of advertising alles staat of valt met een echt verhaal. Vandaar ook de baseline van deze blog everything is media.

Durex had ik nooit eerder gezien als een toyfactory, eerder als een handig rubbertje dat erger voorkomt. Durex wil zich voortaan profileren als een genotsversterker. Het condoom werd uitgebreid met een nieuw assortiment. De advertentie zegt het helemaal :

Als het om vibrators gaat is het ego van mijn vriend vaak groter dan mijn vibo. En volgens mij geldt dat voor alle mannen. Een vibrator zien ze al snel als een ‘grote’ concurrent in de slaapkamer. Ik heb me er al bij neergelegd en gebruik mijn vibrator alleen als mijn vriend er niet bij is. Maar nu heb ik iets ontdekt bij de drogist, zo klein en onschuldig, daar laat zelfs mijn vriend zich niet door intimideren. De Durex Play Touch. Een kleine rillend Toy voor op je vinger. Klein genoeg om samen met mijn vriend (en zijn ego) het bed te delen. Maar het effect is groter dan het formaat doet vermoeden. Laat ik het zo zeggen : niet alleen ik word verwend, ook het ego van mijn vriend wordt volop gestreeld. En hij kan maar beter zijn best doen, want zonder hem werkt de Durex Play Touch ook uitstekend.

Charles Handy is één van de meest notoire Britse management goeroe’s. Ik had nooit eerder van hem gehoord tot ik een verwijzing naar hem las in één van de boeken van Robyn Waters. Dus kocht ik mij bij Amazon zijn laatste boek Myself and Other Important Matters om hem beter te leren kennen.

Googelen bevestigde dat hij écht wel een bekend denker is. Hij is opgenomen in de lijst van de Top 50 Thinkers.

Ik was niet onder de indruk van zijn boek. Misschien komt dat omdat wat ik las eerder een afscheidsboek was van een intelligente, wijze man. Dus ga ik beslist nog één van zijn vroegere boeken lezen, wellicht The Elephant and The Flea.

Handy geeft toe dat z’n ideeën niet per se nieuw zijn, maar dat hij probeerde ze verstaanbaar te maken. Dat gevoel heb ik ook steeds gehad bij die andere grote managementdenkers als Tom Peters en Peter Drucker. Hun ideeën zijn an sich niet revolutionair, maar ze brengen het wel onder verstaanbare woorden. Wellicht aarom liggen de job van management goeroe en evangelist niet zo ver uiteen.

Ik heb vanavond op Eén gekeken naar de Pallieter, de film die Roland Verhavert in 1976 draaide. Bevreemdend. De film is niet van deze tijd en leek me zelfs in 1976 – ik was toen elf – niet hedendaags. Maar het was dan ook zestig jaar na publicatie de verfilming van het meesterwerk van Felix Timmermans.

Wie had in de jaren zeventig het idee om dit Vlaamsch meesterwerk te verfilmen ? Waarom niet eerder een film over de woelige jaren ‘60 in Vlaanderen ? …

Anderzijds, terwijl ik dit schrijf ligt naast me op bureau de laatste versie van De Monstertrilogie, de reeks die Eén samen met Eyeworks wil maken. Naar aanleiding van de persconferentie hierover schonk Tom Lanoye me de laatste gebonden versie van het drieluik. “Voor Jean Philip, van harte op de goede afloop ! Tom Lanoye, Brussel, 17 juni 2008. Persconferentie !”

De reeks komt wellicht in 2011 op het televisiescherm. Benieuwd wat de netmanager van Eén in 2050 over die beslissing en de heruitzending ervan op tv zal bloggen … Eén ding weet ik zeker, ik ben laaiend enthousiast over het script en het feit dat we dit meesterwerk verfilmen.

… en onder de indruk.

Togetherness

Een mooi woord. Ik las het in een foldertje bij Cockaert design, naast één van de Extremis ontwerpen.

Extremis regards its designs as Tools for Togetherness or products that improve any moment of togetherness. For this reason Extremis is asking for the perfect picture of your idea of togetherness amongst people showing the ‘togetherness tool’ you use for it.

Een paar van de inzendingen :

    

   

Hier nog meer foto’s.

 

Na verloop van tijd krijgt alles & iedereen de status die het verdient. Neem nu Nicole & Hugo. Ze werden lange tijd niet au serieux genomen, maar sinds Zo is er maar Eén zitten ze op een ereplaats. Niet dat ze nu als het summum onder de Vlaamse muzikanten worden beschouwd, maar wel dat ze een terecht zitje kunnen opeisen in de (populaire) cultuur. Dat geldt net zo goed voor Marva, Pas de Deux als straks Eddy Wally.

Neil Diamond zit in diezelfde lift. Onlangs nog met een concertreeks in Europa. Ik had nauwelijks nog iets van hem gehoord sinds de lagere school. Ik zat op een katholieke school en het was vaste prik dat de leerlingen om beurt voor de muziek in de eucharistieviering moesten zorgen. Jonathan Livingston Seagull, de muziek van Diamond naar de gelijknamige film, behoorde daarbij tot de succesalbums, samen met Cat Stevens Morning has broken.

Onvoorstelbaar, alle beelden die nu door mijn hoofd flitsen … Hoe zou het nu zijn met Patrick Kimpe en Geert Carbonez ?

Rolf Jenssen heeft het altijd bij het rechte eind. Sinds in de Westerse maatschappij alle basisbehoeften zijn ingevuld, draait het enkel nog rond emoties & beleving. Neem nu winkelen. Shoppen is al lang geen functionele behoefte meer. Uiteraard moeten we ‘grondstoffen’ indoen en ‘diensten’ bestellen, maar als we vandaag gaan winkelen dan is dat eerder omwille van de belevenis. We kopen wat we niet nodig hebben om de fun van het kopen.

Uplace wil het winkelen verheffen tot de ultieme belevenis. Naast de concept stores à la Nike en Mac, willen ze op de (nog) vervuilde terreinen van Machelen de eerste concept mall ontwikkelen. Een uitdagend idee vind ik dat, maar geen makkie. Lorin & co leggen de lat hoog om het u naar uw zin te maken. Sinds kort bloggen ze ook. Dus moet u hen zelf maar eens zeggen wat u wil.